In gesprek met Lily Dobma

‘Kom we gaan even lopen’

Door Anne Helmus


Onlangs heeft ze met een paasbrunch afscheid genomen van de bewoners van BW De Tille te Uithuizen. Het was lange tijd haar werkplek. Op de wandeling naar huis werd ze verrast door een aantal collega’s en wandelvrijwilligers die her en der op de route stonden om haar uit te zwaaien. Ik spreek Lily in haar gezellige huis in Uithuizen. Op de tafel liggen allerlei artikelen over haar activiteiten om cliënten van Lentis aan te zetten te gaan wandelen. Het is een uitgebreid archief. Aan de muur hangen veel foto’s van wandeltochten en certificaten als bewijs dat ze bijvoorbeeld, samen met haar vriend Heine, de noordelijke route van de bedevaart naar Santiago de Compostello heeft gelopen. Als ik naar buiten kijk zie ik daar twee paar afgedankte wandelschoenen aan de schutting hangen. Kortom: je hoeft weinig moeite te doen om er achter te komen wat haar grote passie is.

In 2001 wint Lily de zorgprijs van 1000 gulden, voor haar inspanningen om meer aandacht te krijgen voor vrouwen in de overgang.

Afgelopen week ben ik druk geweest met het verhuizen van een man waar ik mantelzorger van ben. Hij heeft de ziekte van Korsakov, wat maakt dat hij niet goed voor zichzelf kan zorgen. Hij is heel erg vergeetachtig en ik hielp hem om zijn zaakjes rond te krijgen. Hij kan mooie verhalen vertellen, dat wel. Ik doe het als vrijwilliger, dat vind ik prettiger want dan hoef ik niet aan allerlei regels te voldoen. Hij zit nu hoog en droog in Hunsingoheerd. Helemaal zelfstandig wonen ging niet meer.’ Liefst op de bonnefooi ‘Ook al ben ik uit dienst bij Lentis, ik wandel nog steeds met mensen, nu als vrijwilliger. Ook werk ik, nu even niet, achter de bar in het zeemanshuis in de Eemshaven. Leuk werk hoor, ik zou blij zijn als het weer kan. Je ontmoet er allerlei mensen uit de hele wereld. Dat ik zelf een aantal jaren een café heb gehad, is bij dit werk wel een voordeel.’ Zoals bij veel mensen gaan er bij Lily ook momenteel plannen niet door. ‘Eigenlijk zou ik nu ongeveer met mijn vriend op pad gaan op de fiets. Zwerven langs de Noordkust van Duitsland en dan langs de Elbe weer terug. Het liefst op de bonnefooi, dat ligt me het best. We bieden zelf ook de mogelijkheid aan om te overnachten vanuit de organisatie Vrienden op de fiets. Leuk om even te vertellen dat onze eerste klant een man was met, wat later bleek, een bipolaire stoornis. Hij had net zo’n soort actieve begeleider als ik, ze hadden samen de reis en de overnachtingen uitgestippeld. De begeleidster had hem gevraagd; ’Wat vond je vroeger leuk?’ Fietsen dus. Zo gezegd zo gedaan. Heel apart, het moest zo zijn dat mijn eerste gast iemand moest zijn uit de groep waar ik al jaren mee werk.’ Keerpunt Toen Lily vijftig werd vroeg ze zich af hoe ze verder wilde met haar leven. ‘Ik was in die tijd vijfentwintig kilo zwaarder dan nu en ik rookte. Hoogste tijd om het roer om te gooien. Na het stoppen met roken voelde ik me er niet beter door. Integendeel, ik kreeg allerlei klachten… Op een gegeven moment kwam ik op het idee om te gaan Nordic walken. Een cliënt van FACT zag mij op een avond met de stokjes lopen door Uithuizen en wilde dit ook graag proberen. Met deze cliënt begon ik dus te lopen en af te vallen en voelde me beduidend fitter. Ik kreeg de smaak te pakken en begon andere cliënten te stimuleren om mee te doen. In plaats van te zitten tijdens een huisbezoek ging ik de beschikbare tijd met ze te wandelen. Van het een kwam het ander. Vanuit De Tille en het FACT in Uithuizen hebben we in samenwerking met een aantal maatjes een Nordic walking groep opgezet. De Familie Brons Stichting heeft financiële ondersteuning geboden om de stokken en een erkend instructrice te bekostigen. Er ontstonden in die tijd meerdere groepen en er waren opvallend weinig afvallers. Ook buiten het wandelen zijn de deelnemers sociaal actiever geworden. Bij velen was er sprake van gewichtsafname en een verminderd medicijn verbruik. Ook niet onbelangrijk, ze waren trots op zichzelf.’

Sinds die tijd is Lily blijven wandelen en is cliënten en personeel blijven stimuleren om door te gaan met deze activiteiten. Ze neemt bijvoorbeeld nu ook nog regelmatig een bewoner van de Tille mee uit wandelen. Ze ziet hoe mensen er van opknappen. Eerst loopt iemand bijvoorbeeld langzaam en gebogen om na en tijdje steeds rechterop te gaan lopen. Daar kan ze echt van genieten. Lily kan vasthoudend zijn in haar benadering om mensen in beweging te krijgen. ‘Dan zeg ik: ‘Kom we gaan even lopen.’ Er om vragen heeft vaak minder effect. Als mensen echt niet willen houdt het voor mij op maar dan heb ik het wel een paar keer geprobeerd ze aan de gang te krijgen. In de loop der jaren hebben veel mensen van Lentis meegedaan aan de Tocht om de Noord. Echt lange afstanden zaten er vaak niet bij. Toch hebben we in samenwerking met de Raad van Bestuur kunnen regelen dat de deelnemers van Lentis een medaille kregen voor hun wandelprestatie, ook al was er aan de door hun afgelegde afstand eigenlijk geen medaille verbonden. Ik kom die medailles nog wel eens tegen als er cliënten moeten verhuizen. Hele bossen medailles die vervolgens weer in hun nieuwe woonplek worden uitgestald.’ Hongertocht Lily heeft ook een aantal bijzondere tochten gemaakt. Ze heeft onder andere de zogenaamde hongertocht gemaakt. Voor Lily was het een eerbetoon aan haar moeder. ‘Mijn moeder woonde in Rotterdam. Op zestienjarige leeftijd heeft ze een tocht gemaakt van Rotterdam naar Dalfsen. Met honger en onheil onderweg. Ze zocht en vond voedsel voorbij Zwolle voor de achterblijvers in Rotterdam. Er volgden meer tochten waar ook andere familieleden aan deel namen.’ Als Lily met haar vriend Heine eindelijk het dorp Dalfsen heeft bereikt is het net of haar moeder erbij is, ze had haar beloofd ooit eens deze tocht te lopen en heeft de belofte ingelost. Loopbaan Lily heeft een gevarieerde loopbaan in de zorg achter de rug. In 1973 begon ze als begeleider bij mensen met een verstandelijke beperking bij de Noordelijke Stichting. Van 1978 tot 1981 runde ze een café. In de jaren tachtig was het crisis op de arbeidsmarkt en kon ze moeilijk werk vinden en geraakte ze in de bijstand. In die periode heeft ze ervaren hoe het is om de eindjes aan elkaar te knopen. In 1988 kon ze bij de thuiszorg aan de slag en haalde het diploma Verzorgende. Daarna heeft ze wisselend bij het FACT-team en op de Tille gewerkt.