Familie kunnen zien in Coronatijd is belangrijk,

vooral voor ouderen

Door Renée Woonings

Het mocht lange tijd niet: bezoek ontvangen in het verpleeghuis.

Gelukkig kon er vanaf vrijdag 29 mei weer beperkt bezoek worden ontvangen op alle locaties van Dignis.

Hoe hebben bewoners en hun familie dat ervaren?

Renée Woonings interviewde mevrouw Van der Werff (99) in het Heymanscentrum.

Mevrouw Van der Werff (99) woont in het Heymanscentrum in Groningen, onderdeel van Dignis. In 2004 is ze daar samen met haar echtgenoot ingetrokken. Mevrouw Van der Werff is geboren en getogen in de Oosterpoort. Ze vertelt dat ze daar een groot deel van haar jeugd heeft doorgebracht met een club vriendinnen uit de buurt. Voor de verhuizing naar het Heymanscentrum, woonde ze in de Brink; ‘Toch wel het mooiste plekje van Groningen’, voegt ze toe. Ik sprak mevrouw Van der Werff, haar dochter Christa en een Dignis medewerker in het Heymanscentrum. Zij vertellen hoe het contact de afgelopen tijd is verlopen, nu fysiek contact niet mogelijk is.

Bezoekraam Op het moment dat we elkaar spreken, heeft de coronacrisis Nederland al acht weken in zijn grip. Ondanks de moeilijke omstandigheden, zijn moeder en dochter in een goede stemming; er wordt zo nu en dan flink gelachen om een onderling grapje. Ze spreken elkaar tegenwoordig geregeld door het bezoekraam. De eerste drie weken van de coronacrisis vielen zwaar, want contact in deze vorm was toen nog niet mogelijk. Er kon gebeld worden, maar beeldbellen lukte niet. Een paar keer is Christa zelfs langs gereden om mevrouw Van der Werff vanuit onder het raam te zien (zie foto). Ze vertelt: ‘We stonden onder aan haar raam te schreeuwen’. Mevrouw Van der Werff kon er niet veel van verstaan, maar ze was dolblij om hen te zien. Met de komst van het bezoekraam bij verschillende locaties van Dignis, is dat nu gelukkig niet meer nodig.

Stilte Wanneer ik vraag naar haar ervaringen van de afgelopen maanden, wordt duidelijk dat de maatregelen tegen het coronavirus grote impact hebben gehad op mevrouw Van der Werff. Ze zegt: ‘het is natuurlijk helemaal niet leuk dat er geen bezoek meer mag komen’. Ook was ze geschrokken van het grote aantal mensen in Nederland dat ziek is geworden door corona. Sinds de maatregelen merkte ze dat het ‘stiller’ was geworden in de huiskamers. Om de spreiding van het virus te voorkomen, werden namelijk alle activiteiten afgelast. Waar de bewoners anders altijd wel gezellig wat konden kletsen, kwam stilte voor in de plaats.

Steun Toch ervaart mevrouw Van der Werff ook dat zij en de andere bewoners veel steun krijgen deze periode. Ze krijgt veel bezoek, ‘bijna elke dag’. Glunderend vertelt ze: ‘mijn hele badkamer en keukendeur hangen vol met kaarten en tekeningen, van de achterkleinkinderen’. Daar wordt ze vrolijk van. Tijdens één van de bezoekjes heeft ze een spectaculaire demonstratie van karate gekregen. Ook geniet ze van de live muziek en concerten die in de buitenlucht bij het Heymanscentrum plaatsvinden. Een paar dagen voor ons gesprek was er een optreden van een violist van het Metropole orkest. Dik ingepakt tegen de kou hadden de bewoners het buiten kunnen bekijken. Mevrouw Van der Werff vond het optreden ‘prachtig’. Dat soort initiatieven ‘zorgen voor een heel bijzondere sfeer’, vertelt de medewerker van het Heymanscentrum.

Gemis Toch kunnen deze initiatieven het ‘normale’ bezoek natuurlijk niet vervangen. Het lichamelijke contact is een groot gemis. Elkaar kunnen aanraken, zien en ruiken, dat is veel fijner dan elkaar zien door een raam. Wat mevrouw Van der Werff verder mist tijdens de corona? De uitstapjes die ze maakte met haar dochter Christa. Soms werd ze opgehaald voor een uitstapje naar Winschoten met de kinderen. Ook ging ze weleens op pad naar het bos in Drenthe. Christa voegt nog toe: ‘En je mist de aspergetijd’. Ja, dat is ook wel jammer. En hoewel de kappers in de stad weer open zijn, moeten de bewoners van oudereninstellingen nog eventjes wachten voordat ze weer geknipt mogen worden. Daarom helpen sommige activiteitenbegeleiders van Dignis de bewoners met het wassen en doen van hun haar. ‘Zo leuk om te horen’, zegt Christa. Voor de toekomst hebben zowel moeder als dochter een duidelijke wens: ‘hopen dat de deuren snel weer open gaan’.